ketogeen

Bij het Ketogeen dieet wordt er geadviseerd veel vetten te eten en weinig koolhydraten. Bij sommige stromingen mag je hele bergen slagroom en frikandellen eten, bij andere worden zuivel en sterk bewerkte producten grotendeels of geheel uitgesloten.

Het principe is dat wanneer je lichaam geen koolhydraten kan gebruiken als energieleverancier, omdat deze niet worden aangeboden, dat het moet overstappen op vetverbranding. Vetverbranding levert je lichaam meer energie op, vet levert namelijk 3 keer meer energie dan koolhydraten doen. Je voelt je de eerste 4 dagen vaak wat slap, maar daarna wordt juist het tegendeel bewezen. 

''vetverbranding levert je lichaam 3 keer meer energie dan koolhydraten''

vermijd granen, peulvruchten, zetmeelrijke groenten, fruit en suikers

Bij de verbranding van vetten ontstaan zogenaamde ketonen. Na ongeveer 48 uur raken de meeste mensen in ketose, dat is de staat waarin je wil blijven tijdens dit dieet. Het is een metabool proces met als doel de verbranding van opgeslagen vet te stimuleren en de bloedglucose spiegel stabiel en natuurlijk laag te houden.

Doorgaans eet je producten die dus geen of weinig koolhydraten bevatten, het is de bedoeling dat je onder de 50 gram koolhydraten blijft om in ketose te komen. Je eet dan vooral ei, vis, vlees, sommige groenten, olijfolie, noten en zaden. Vermijd vooral granen, peulvruchten, zetmeelrijke groenten, fruit en suikers.

Wanneer je wel voor zuivel kiest, kies dan voor koolhydraat arme zuivelproducten die hoog in vet zijn. Dit zijn producten zoals roomboter van gras gevoerde koeien, Ghee (geklaarde boter), gefermenteerde yoghurt en harde oude kazen. Gebruik bij voorkeur melkproducten die niet afkomstig is van de koe maar juist van de geit of het schaap.

Let er ook op dat het ketogeen dieet een dieet is en geen voedingspatroon het is dus tijdelijk. Het is niet goed voor je lichaam om dit de rest van je leven te doen. 

gebruik bij voorkeur melkproducten die afkomstig zijn van de geit of het schaap

welke voeding mag je dan wel en welke juist niet?

  • Vis, vooral vette vis zoals makreel, haring, sardines en zalm
  • Vlees 
  • Ei
  • Groenten (vooral avocado), met weinig koolhydraten zoals bladgroenten, broccoli, bloemkool, champignons, prei, courgette, komkommer en paprika
  • Olie en vetten zoals roomboter, olijfolie, lijnzaadolie en kokosvet
  • Roodfruit in kleine hoeveelheden zoals aardbeien, frambozen en bessen
  • Noten zoals pecannoten, paranoten, macadamia’s, hazelnoten en walnoten
  • Zaden
  • Zuivel met veel vet (volvet) en weinig koolhydraten zoals gefermenteerde yoghurt, harde oude kazen, roomboter en zure room
  • Granen zoals tarwe, spelt, quinoa, boekweit
  • Peulvruchten zoals linzen, kikkererwten, erwten, bonen, soja(producten)
  • Groenten met veel koolhydraten zoals zoete aardappel, wortel, uien, pompoen, pastinaak en maïs
  • Fruit met veel suiker
  • Suikers, zoetstoffen en honing
  • Noten zoals cashew en pistache
  • Zuivel met weinig vet of die gepasteuriseerd zijn, zoals melk en lightproducten